Zoeken - Zoekresultaten
Bij een goed dijkontwerp hoort ook het rekening houden met de effecten van een versterkte dijk op de grondwaterstromingen en -standen. Dit is nodig voor de stabiliteit van de dijk en ook voor het voorkómen of beperken van wateroverlast.
Bij een goed dijkontwerp hoort ook het rekening houden met de effecten van een versterkte dijk op de grondwaterstromingen en -standen. Dit is nodig voor de stabiliteit van de dijk en ook voor het voorkómen of beperken van wateroverlast.
Omwonenden en andere belangstellenden worden op diverse manieren betrokken bij de dijkversterking en dijkverlegging. In 2016 zijn er een aantal werkbijeenkomsten (‘kansensessies’) geweest waar het waterschap met een groep mensen uit de omgeving een eerste verkenning heeft gedaan naar de omgeving van het dijktraject, mogelijke oplossingsrichtingen en kansen voor het gebied. Tijdens de informatieavonden in januari / februari 2017 is deze informatie met een grotere groep gedeeld. Informatie is ook verspreid via nieuwsbrieven, de website en sociale media. Het waterschap is na de informatieavond in kleinere groepen verder gaan werken aan mogelijke oplossingsrichtingen die leiden tot een voorkeursvariant.
In de planuitwerkingsfase wordt het voorkeursalternatief uitgewerkt, de procedure zienswijze gestart, hierna start grondverwerving en aanbestedingstraject met de aannemer. U kunt tijdens de zienswijzeprocedure nog formeer reageren.Tijdens de informatieavond konden mensen zich aanmelden voor actieve participatie. Dit kan ook via [email protected]
Elke dijkversterking doorloopt 3 fasen (pdf, 51 kB): verkennen, plan uitwerken en realiseren. Bij alle dijkversterkingsprojecten betrekken we belanghebbenden proactief bij elke stap in het proces. Het programma zit nu in de verkenningsfase. De verkenningsfase vindt plaats in 2016 - 2018. Samen met belanghebbenden verkennen we het gebied, de opgave, knelpunten en kansen. In deze fase zitten we nu. Er is ruimte voor ideeën en oplossingen uit de omgeving. De kansrijke oplossingen werken we in overleg met belanghebbenden verder uit. Dat leidt tot het plan dat de voorkeur heeft: het zogenoemde voorkeursalternatief.
Hierna volgt de planuitwerkingsfase (vanaf 2017 of 2018). Daarin wordt het voorkeursalternatief verder uitgewerkt tot een ontwerp-projectplan. Belanghebbenden kunnen hierop formeel reageren door een zienswijze in te dienen. Daarna neemt het bestuur van het waterschap een besluit. Waar nodig wordt grond aangekocht en bereiden we de aanbesteding van de bouw voor.
Als laatste is de realisatiefase (vanaf 2019 of 2020). Als een uitvoerder de bouwopdracht heeft gekregen, gaat de schop in de grond. We werken samen met ervaren en gespecialiseerde bouwbedrijven.
Vanaf half mei 2017 wordt een bomeninventarisatie uitgevoerd. Alleen bomen op openbaar terrein worden geïnventariseerd. Bomen in tuinen en op particuliere percelen vallen hier buiten, monumentale bomen uitgezonderd.
Vanaf half mei 2017 wordt een bomeninventarisatie uitgevoerd. Alleen bomen op openbaar terrein worden geïnventariseerd. Bomen in tuinen en op particuliere percelen vallen hier buiten, monumentale bomen uitgezonderd.
Aanvraagformulier subsidie
Op 11 april vond de eerste omgevingswerkgroep van dijkversterking Buggenum plaats.
Op 18 april 2017 vond de eerste omgevingswerkgroep van dijkversterking Thorn - Wessem plaats.
Ja, bijvoorbeeld met de waterschappen in Noord-Brabant. Langs de hele Maas vindt een veelheid aan projecten plaats. Die hebben onderling verband met elkaar. Hierover is het waterschap ook in gesprek met de provincies Noord-Brabant en Limburg die de onderlinge samenhang verder onderzoeken.
Ook met buurland België vindt regelmatig afstemming plaats. Daar worden ook maatregelen genomen om de waterstanden van de Maas te verlagen. Dat heeft ook effect op de werkzaamheden in Limburg.
Op de website van Waterschap Limburg staat de meest actuele informatie over de dijkversterkingen en dijkverleggingen in Limburg. Ook informeren we belanghebbenden via nieuwsbrieven, sociale media en versturen we persberichten naar media. Verder kunnen vragen gesteld worden via [email protected] of tijdens kantooruren op 088 889 0100
Daarnaast proberen we zoveel mogelijk via bestaande kanalen van anderen, zoals de gemeente, dorpsraden of buurtverenigingen te communiceren.
Nee. De norm is landelijk vastgelegd in de Waterwet Uitgangspunt daarbij is dat voor iedere Nederlander in Nederland hetzelfde veiligheidsniveau geldt met betrekking tot het risico om als gevolg van overstroming te overlijden. Rekening houdend met lokale omstandigheden, zoals de nabijheid van hoge gronden, is in de Waterwet voor elk dijktraject een norm vastgesteld. De norm voor Arcen is 1:100. Dit is landelijk gezien relatief laag. In steden langs de Maas is de norm bijvoorbeeld 1:1.000 (Maastricht), elders langs grote rivieren soms 1:3.000 en in de Randstad loopt de norm op tot 1:100.000.
De voor de opslag van mest en kuilvoer geldende randvoorwaarden (GLB 2017) hebben enkele aanvullingen gekregen met betrekking tot het in een oppervlaktewaterlichaam lozen van vloeistoffen op oppervlakte water. Zorg ervoor dat zulke lozingen niet ontstaan, dit voorkomt kortingen op de subsidies gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB).
Een langdurige droge periode kan schadelijk zijn voor bomen, planten, dieren en gewassen op het land. Maar ook houten fundering van gebouwen. Door de sterke verdamping, zakt ook het grondwaterpeil en kunnen de wortels van bomen en planten op termijn niet meer bij het water. Met droogvallen van sloten en plassen, droogt het leefgebied van vissen, waterdieren en amfibieën letterlijk op. Warm water heeft een lager zuurstofgehalte en dat kan leiden tot vissterfte. Ook neemt in warmer water de concentratie van opgeloste stoffen en bacteriën toe en kunnen botulisme en blauwalg ontstaan.
Meer zoeken
Via onderstaande sites kunt u meer overheidsinformatie vinden.
