Beekdalbrede aanpak - Pilot Groote Molenbeek


Inleiding

25

Waterschap Limburg is bezig met de voorbereidingen van de pilot voor de beekdalbrede aanpak van de Groote Molenbeek. In deze pilot ligt de focus op het stroomgebied tussen de Middenpeelweg en de Maasbreeseweg.

Dit project past in de weg naar een robuust Limburgs watersysteem, dat is opgewassen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Grootste doel daarbij is om problemen als wateroverlast, droogte, waterkwaliteit en ecologie op te lossen. Dit doen we met een beekdalbrede aanpak.

Wat is een beekdalbrede aanpak?

Het klimaat verandert en we krijgen vaker te maken met uitersten. Van grote wateroverlast tot extreme droogte. We willen onze beken en beekdalen bestendig maken tegen het veranderde klimaat. We doen dit met een beekdalbrede aanpak.

De oplossing zit hem in de manier waarop de beekdalen zijn ingericht. Door het beekdal weer te betrekken bij de beek, creëren we ruimte voor water. Hierdoor voorkomen we de gevolgen van hevige regenval (wateroverlast). Tegelijkertijd kunnen we watertekorten voorkomen. Dit komt doordat het beekdal in deze aanpak meer water vasthoudt en doordat de bodem van de beek hoger is.

Een beekdalbrede inrichting ziet er schematisch uit als onderstaande figuur. We onderscheiden daarbij vijf zones: de beek (1), de boszone (2), de bosschagezone (3), de bufferzone (4) en de beekflank (5).

Beekdalbrede aanpak

De beek biedt leefruimte aan vissen en allerlei watergebonden dieren. De boszone zorgt voor schaduw,  waardoor het beekwater koel blijft. Dat geeft minder plantengroei en zorgt voor betere leefcondities voor de soorten in en om de beek. De boszone en bosschagezone (10-20 meter) zorgen voor een betere structuur en sponswerking van de bodem, hierdoor kan er meer water geborgen worden. De bufferzone vangt voedingsstoffen en slib op die afstromen van de beekflank. Op de beekflank is er plek voor bebouwing en landbouw.

Doorstroommoeras

Om wateroverlast, droogte, waterkwaliteit en ecologie tegelijkertijd te verbeteren kijken we hoe de Groote Molenbeek er van oorsprong uit zag. Hoe heeft de natuur de Groote Molenbeek gevormd, voordat wij als mens de beek hebben veranderd? Door te onderzoeken hoe we dit nu weer kunnen gebruiken, maken we gebruik van natuurlijke processen.

We proberen locaties te herstellen waar oorspronkelijk geen beek lag, maar waar het water over een groot gedeelte van het land stroomde in kleine stroompjes. We noemen dit een doorstroommoeras. Een doorstroommoeras houdt water langer vast en water stroomt meer geleidelijk weg. Het zorgt ervoor dat er minder wateroverlast optreed, er minder overlast is van droogte en de natuur meer ruimte krijgt. Zo zorgen de natuurlijke processen ervoor dat het gebied zich veel beter zelf kan aanpassen als het klimaat veranderd, met maar weinig menselijke ingrepen.

Projectdoel

De Groote Molenbeek is aangewezen als testgebied voor een beekdalbrede aanpak. Het is de geschikte omgeving om een aantal projecten op te zetten en te volgen wat de effecten zijn. We gaan aan de slag met:

  • subirrigatie
  • doorstroommoeras
  • lagg-zone

In de pilot voeren we een combinatie van maatregelen uit. Dit doen we samen met de agrariërs, omwonenden en bedrijven in en rondom het gebied. Dat is dan ook meteen een belangrijk doel van de pilot: hoe doen we dit in nauwe samenwerking met de omgeving, waarbij we de impact op de bedrijfsvoering minimaal houden en de effecten zo groot mogelijk zijn. In deze video legt projectleider Esther de Jong uit hoe het project in elkaar zit.

Subirrigatie

Dit is een techniek waarbij water (aanvoerwater en grondwater) in de bodem van een gebied wordt gebracht via een ondergronds infiltrerend buizenstelsel. Het water verspreidt zich ondergronds via de drainagebuizen, waardoor de grondwaterstand onder het perceel stijgt. Met een vlottersysteem kan de pomp automatisch worden aan- of uitgeschakeld, waardoor het grondwater altijd op het juiste peil staat. Hierdoor kunnen de wortels van de planten makkelijker bij het water komen. Beregenen is dan niet meer (of minder vaak) nodig en verdroging van de bodem is verleden tijd.

Doorstroommoeras

In een doorstroommoeras wordt water langer vastgehouden. Er is op dit moment in de Groote Molenbeek een natuurlijk doorstroommoeras aangelegd door de bever. We maken een groter doorstroommoeras, waardoor meer water wordt vastgehouden en geleidelijk weer weg kan stromen bij pieken. Dat zorgt er ook voor dat er minder overlast is van de bever.

Lagg-zone

Lagg is een Zweeds woord voor het overgangsgebied tussen hoogveen en de verderop gelegen mineraalrijke grond. Het zure hoogveenwater en het kwel- en regenwater mengen zich daar. Dat zorgt voor een gebied met een hoge biodiversiteit.

Planning

De pilot loopt van 2021 tot en met 2028. We zijn in 2021 en 2022 bezig met de voorbereidingen. In 2023 starten we met de subirrigatie en het doorstroommoeras. In 2025 leggen we de Lagg-zone aan.

Meer informatie

Voor meer informatie en vragen kunt u contact opnemen met Esther de Jong, projectleider via e.dejong@waterschaplimburg.nl 06- 31 75 97 40.

Ontvangt u al de nieuwsbrief van het waterschap? Zo niet, meld u dan aan voor de nieuwsbrief via www.waterschaplimburg.nl/email.  Of volg ons op Twitter, Facebook of Instagram.