De aanvoer en toepassing van compost ten behoeve van waterberging en waterremming zowel op bouwland als op de zwartstrook van fruitteelt


5. Compost (3)

Hoe werkt het

Lössgronden behoren tot de leemgronden. De bodemaggregaten van deze gronden (80% silt) vallen snel uiteen in kleinere delen. Er treedt snel verslemping op, waardoor ze minder waterdoorlatend worden (minder infiltratie). Dit heeft ook een negatief effect op plantengroei (opkomst en beworteling). Organische stof (humus) kan helpen om de stabiliteit van de bodem te verbeteren.   Dat gebeurt doordat de labiele organische stof voedsel is voor bodemorganismen zoals regenwormen, die voor graafgangen en verkitting van de bodem zorgen. Daarnaast zorgt het stabiele deel van organische stof voor de binding van minerale delen tot aggregaten. Humus zorgt daarmee voor een stevige samenhangende structuur, die goed bestand is tegen structuurbederf door externe krachten zoals erosieve neerslag. Als slempvorming beperkt kan worden kan de waterinfiltratie toenemen. Om slempvorming te verminderen, kan het verhogen van het organische stofgehalte de oplossing zijn. Daarvoor zijn grote hoeveelheden jaarlijkse aanvoer van organisch materiaal nodig.  Gezien de wettelijke beperkingen (fosfaataanvoer) is dit beperkt mogelijk. Het op peil houden of verhogen van de organische stof kan door de aanvoer van organisch materiaal (gewasresten, groenbemesters en mest) te verhogen en de afbraak te beperken door minimale grondbewerking. Naast humus zijn ook niet of halfverteerde plantendelen belangrijk in de strijd tegen verslemping. Verruwing van het bodemoppervlak beschermt de bodem tegen de kracht van de regen die verslemping kan veroorzaken. Zeker als er geen gewasgroei aanwezig is kan aanwezigheid van plantresten een positieve bijdrage leveren.

Organische stof heeft vele voordelen: bewerkbaarheid, bodemstabiliteit, koolstofopslag, watervasthoudend vermogen, bevordering beworteling.

Effectiviteit

  • Waterkwantiteit: Een goede organische stof-situatie leidt tot een goede bodemstabiliteit met minder kans op slemp. Dat verbetert de infiltratiecapaciteit en dus vermindert het waterafspoeling en erosie.
  • Waterkwaliteit: Omdat meer water infiltreert, spoelen er minder nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen af.

Aandachtspunten

  • Organische stofaanvoer moet jaarlijks aandacht krijgen.
  • Vanwege wettelijke beperkingen (mestwetgeving) vraagt aanvoer van organische stof aandacht.
  • Diversiteit aan organische stofmaterialen: naast compost is het ook belangrijk aandacht te hebben voor mest, gewasresten en groenbemesters, dit is belangrijk voor stimulatie van bodemleven: met name regenwormen. Regenwormen hebben voorkeur voor materialen met lage C/N verhouding.
  • Kwetsbare percelen extra aandacht geven.

Voorwaarden

  1. Deze activiteit wordt uitgevoerd in het beheergebied van Waterschap Limburg en specifiek voor het gebied Zuid-Limburg.
  2. Het landbouwperceel heeft een hellingspercentage van minimaal 2%.
  3. De aanvoer is minimaal 10 ton product per hectare;
  4. De aan te voeren compost (zoals beschreven in het uitvoeringsbesluit meststoffen) voldoet aan de genoemde criteria in artikel 17 van het uitvoeringsbesluit meststoffen (minder dan 0,5 gewichtsprocent aan bodemvreemde niet-biologisch afbreekbare delen).
  5. Het perceel waar de compost wordt aangevoerd heeft de bestemming bouwland (akkerland), fruitteelt of boomteelt.
  6. Realisatie van de activiteit vindt uiterlijk 1 december 2022 plaats.

Subsidie

De hoogte van de subsidie bedraagt € 60,- per hectare per jaar. U kunt meerdere landbouwpercelen aanvragen maar er geldt een maximum van opgeteld 15 hectare voor deze maatregel per aanvrager die voor subsidie in aanmerking komt.

De subsidie is alleen voor de aanvoer van compost beschikbaar zoals in de voorwaarden vermeld.


Aanvragen

Uw aanvraag doet u via het subsidieportaal van Waterschap Limburg. Hier kunt u een account aanmaken, inloggen en namens uw organisatie een subsidieaanvraag indienen.