Dijkversterking Well - veel gestelde vragen


Heeft u vragen? Omgevingsmanagers KeesJan van den Herik en Jetske Vaas staan voor u klaar. Neem contact op via 088 – 88 90 100 of stuur een mail naar dijkversterking@waterschaplimburg.nl

  • Waarom is deze dijkversterking noodzakelijk?

We weten dat de Maas door klimaatverandering meer water moet gaan afvoeren. Om Well ook in de toekomst veilig te houden, is de dijkversterking nodig. De huidige dijken zijn niet hoog genoeg en niet sterk genoeg. De dijken zijn afgekeurd en voldoen niet aan de wettelijke normen.

  • Hoe komt het waterschap tot een afweging?

Samen met omwonenden, ondernemers, overheden en andere belanghebbenden bekijkt het waterschap per dijktraject de mogelijkheden. Uiteindelijk worden er keuzes gemaakt, bijvoorbeeld het bepalen van het tracé of het type dijk. Bij de keuze spelen verschillende aspecten een rol te weten: beschermingsniveau (bescherming van opstallen/woningen), rivierkunde (waaronder behoud winterbed), ruimtelijke kwaliteit, kosten, draagvlak en haalbaarheid. We noemen dit het afwegingskader.

  • Wat is een voorkeursalternatief (VKA) en een milieueffectrapportage (MER)?

Een VKA is een alternatief dat gekozen wordt op basis van integrale afwegingen. Het waterschap kijkt daarbij naar verschillende belangen, zoals de wensen van de omgeving, maar ook kosten en ruimte voor de Maas. In Nederland hechten we veel waarde aan het milieu en de omgeving. Om te voorkomen dat het milieu en uw omgeving te sterk worden aangetast bij grote infrastructurele projecten krijgen deze een volwaardige plek in de besluitvorming. Dit doen we met het instrument MER. Een MER brengt specifiek de milieugevolgen van een plan in beeld voordat tot besluitvorming wordt overgegaan. De resultaten van een MER worden meegenomen in het voorkeursalternatief.

  • Waarom zijn sommige tracés in het VKA heel precies getekend en andere delen heel grof weergegeven?

Voor een aantal lastige tracés (met name in de achtertuinen rond de Grotestraat) moesten we ontwerpwerkzaamheden uitvoeren die qua detailniveau meer thuishoren in de planuitwerkingsfase. Zonder deze uitwerking konden we echter geen goede keuze maken voor tracé en type kering. In de volgende fase worden door onze ontwerpers voor alle tracés veel preciezere ontwerpen gemaakt.

  • Waarom kunnen de dijken niet lager?

De dijken moeten uiteraard sterk genoeg zijn om de veiligheid te garanderen. Ze hoeven ook niet hoger dan noodzakelijk. Vast staat dat ze moeten voldoen aan de wettelijke norm. Daar kan het waterschap niets aan doen. Binnen die vastgelegde norm is er wel een bepaalde ontwerpvrijheid. In Well hebben we al scherp gekeken naar een aantal keuzes die we kunnen maken bij het ontwerp. Daarmee konden we de dijk op sommige plekken lager ontwerpen dan eerst gedacht.

  • Waarom komen er niet overal demontabele keringen?

Limburg heeft het grootste areaal aan demontabele keringen. Dat maakt het kwetsbaar voor beheer en onderhoud. Het waterschap heeft de zorgplicht voor de waterveiligheid en neemt deze taak serieus. Waterveiligheid kan hierbij niet bij enkele bewoners worden belegd, terwijl achter deze bewoners vele andere bewoners en bedrijven wonen en werken. Het waterschap heeft als beleid om demontabele keringen af te bouwen. Indien bij de huidige dijkversterkingsprojecten demontabel wordt toegepast stijgt het demontabele areaal van 4 naar 12 kilometer. Als binnen enkele dagen op al deze plekken demontabel geplaatst moet worden is de waterveiligheid niet goed geborgd. Vandaar dat het waterschap primair niet kiest om overal demontabel te plaatsen.

  • Hoe wordt de Groene Rivier ingericht?

In Well is onderzocht of de Oude Maasarm, het gedeelte van de rivier dat tussen de dorpen doorstroomt, bij hoogwater mee kan stromen zodat de Maas voldoende water kan blijven afvoeren. Daarvoor moeten nieuwe dijken worden aangelegd en een gedeelte van het huidige dijktraject worden verwijderd. De woonkernen van Well en Elsteren worden op die manier beschermd, terwijl daar omheen water kan stromen. Deze mogelijkheid wordt ook wel ‘Groene Rivier’ genoemd. De minister heeft in november 2019 een besluit genomen over de systeemmaatregelen. De komende jaren werken we de plannen in meer detail uit, in overleg met de betrokkenen uit het gebied. We doen dat samen met onder andere de gemeente Bergen, die zich bezig gaat houden met de landschappelijke inrichting van de Groene Rivier. De ontwikkelingen in het gebied zorgen voor veiligheid (lagere waterstanden stroomopwaarts), economische mogelijkheden, natuurontwikkeling én ruimte voor de Maas.

  • Een kleinere dijkring van Elsteren betekent dat er bedrijven buitendijks komen te liggen, hoe wordt daarmee omgegaan?

Het is de ambitie om overeenstemming met deze bedrijven te bereiken. De gesprekken over eventuele verwerving worden door de gemeente en WL samen met de eigenaren gevoerd.  De terugvaloptie is dat deze bedrijven beschermd worden.

  • Wat is de invloed van het advies Waterveiligheid Limburg op dijkversterkingsproject in Well?

In het voorjaar 2020 hebben overheden nadere afspraken met elkaar gemaakt naar aanleiding van de Bestuursopdracht Waterveiligheid, een onderzoek naar de normen voor waterveiligheid in Limburg. Een van die afspraken was om voor een vijftal lopende dijkversterkingen (Nieuw Bergen, Belfeld, Thorn-Wessem, Well en Venlo-Velden) een aanvullend gezamenlijk ontwerpproces (Provincie, waterschap en gemeente) te doorlopen om te kijken of het ontwerp qua hoogte nog lager kan. Maar wél binnen de geldende wet- en regelgeving. Daarbij kan, bij wijze van uitzondering, ook gekeken worden naar een kortere levensduur. Verkorten van de levensduur tot 25 jaar betekent dat de hoogte van de groene dijk mogelijk lager wordt omdat de klimaatverandering maar voor 25 jaar hoeft te worden ingecalculeerd. Het betekent ook dat er mogelijk over 25 jaar terug moet worden gekomen voor een aanvullende dijkversterking en dat er dus vaker hinder door werkzaamheden in het gebied kan komen.

  • Staat uw vraag er niet tussen?

Neem een kijkje tussen de algemene veel gestelde vragen of de begrippenlijst.